Leven


Het is zo donker als de dag,
de dag die ik met jou moet doorbregen.
Het is zo licht als de nacht,
de slapeloze nachten van verdriet.
Het is zo warm als de winter,
de winter die er reeds lang is.
Het is zo koud als de zomer,
die al lang voorbij moest zijn.
Het is zo mooi als de dood,
de dood die nooit zal komen.
De verlossing van het hemelse bestaan.